€ 37,-
Van 1790 tot aan zijn overlijden in 1836 was Foeke Wigles Gorter leraar (predikant) van de doopsgezinden in Sappemeer. Gedurende het grootste deel van deze periode hield hij een dagboek bij. Deze dagboeken geven inzicht in het reilen en zeilen van een grote doopsgezinde gemeente op het Groninger platteland en de rol van de leraar daarin, maar ook in Gorters functioneren in de lokale samenleving. Hij toont zich sterk betrokken bij de grote ontwikkelingen van zijn tijd, die ook doorwerkten in de lokale gemeenschap en in de doopsgezinde gemeente. De hier uitgegeven selectie uit de dagboeken is voorzien van vele verklarende voetnoten. In een uitvoerige inleiding worden Gorters leven en werken – waarin 'ernstige Godsvrucht met gezond verstand gepaard gaat' – en de historische achtergronden beschreven. Gorters dagboeken zijn niet alleen van belang voor de doopsgezinde maar ook voor de lokale geschiedschrijving.
‘Bronnenmateriaal hoeft niet altijd grote kwesties te bevatten om interessant te zijn voor onderzoek en publicatie. Aantekeningen van bijvoorbeeld een dorpsdominee kunnen net zo goed parels voor geschiedkundige studie bevatten. Ik moet echter bekennen dat ik in de geselecteerde dagboekfragmenten op het eerste gezicht niet bijzonder veel glinstering heb gezien. Maar zoals ik al eerder aangaf moet je soms verder kijken dan je neus lang is. […] Bestudeert met Gorters dagboeken dan wordt weer eens duidelijk dat de Groningers in de decennia rons 1800 voortdurend beangstigend dicht bij zowel de natuur als de dood stonden. […] De titel “Ernstige godsvrucht en gezond verstand” mag volgens samensteller Dop kenmerkend zijn voor Gorters totale levenshouding, op een aanzienlijk deel van zijn gemeenteleden is deze typering zeker niet van toepassing. Zaterdag 15 augustus 1812 loopt een feest ter ere van de verjaardag van keizer Napoleon Bonaparte uit op een bacchanaal. […] Onduidelijk blijft wat hier voor Gorter zwaarder telde: de publieke opinie of Gods oordeel?’ Jonn van Zuthem in: Stad & Lande 19 (2010) 2, p. 51; ‘Gorter schreef over zijn preken, de kerkgang, het weer, pastorale bezoeken, ziekten en sterfgevallen. Volgens de bewerker maakte Gorter veel werk van het pastoraat, en was hij daarin zijn tijd vooruit.’ In: Nederlands Dagblad/Het Katern 28-05-2010, p. 3.