€ 10,-
Hoe zat het met de relatie tussen kennis, welvaart en vooruitgang in de negentiende eeuw? Was de modernisering vooral te danken aan beter en meer op de praktijk en de natuurwetenschappen gericht onderwijs? De bijdragen in dit themanummer laten zien dat onderwijshervormingen, hoewel op zich belangrijk, geen grote bijdrage hebben geleverd aan de ontwikkeling naar een moderne samenleving. Netwerken waren belangrijker voor de sociale mobiliteit dan de mate van genoten onderwijs. Het onderwijs was vooral beschavend, maar sloot niet aan op de vakkennis die nodig was in de nijverheid en ontluikende industrie. Bovendien is onderwijs ook een politiek instrument en waar verzet is tegen gezag, kan onderwijs, hoe goed ook, niet gedijen.
Inhoud: MARLITE HALBERTSMA, De waarde van kennis JANNEKE WEIJERMARS, Neerlandistiek als bindmiddel van de natie: hoogleraar Schrant in Gent 1817-1830 WILMA VAN GIERSBERGEN, Mobiliteit van een beddenmaker. De kunstenaar Willem Hendrik Schmidt (Rotterdam 1809-1849 Delft) ROBERT-JAN WILLE, De nationale waarde van ontwikkeling. De patricische embryoloog Ambrosius Hubrecht en de noodzaak van de liberale staat om te investeren in onderwijs en wetenschap BOUDIEN DE VRIES, De waarde van kennis bij arbeiders en de kleine burgerij in de tweede helft van de negentiende eeuw Aankondigingen en mededelingen
'De titel De waarde van kennis biedt de lezer weinig houvast. Eigenlijk gaat dit themanummer namelijk over onderwijs, en vooral waartoe dat in de negentiende eeuw kon worden ingezet. [...] Wat ik ervan heb meegenomen is, ten eerste, dat negentiende-eeuws onderwijs dat als instrument van een beschavingsoffensief of cultuurpolitiek werd ingezet, weinig zoden aan de dijk zette als de oogmerken niet strookten met de wensen en behoeften van de doelgroep (Weijermans en De Vries). Ten tweede: wie in de negentiende eeuw iets wilde bereiken moest niet alleen geschoold zijn maar vooral handig kunnen netwerken (Wille en Van Giersbergen).' Bert Theunissen in: Studium. Tijdschrift voor Wetenschaps- en Universiteitsgeschiedenis 3 (2010) 2, p. 98.