€ 25,-
De tiende verjaardag van Queeste werd gevierd met een tweedaags symposium. Bij die gelegenheid presenteerden Nederlandse en Vlaamse mediëvisten hun visie op de studie van de middeleeuwse literatuur in de Nederlanden. Vanuit wisselende invalshoeken, met oog voor de bredere Europese middeleeuwse context en de internationale ontwikkelingen binnen de mediëvistiek nu, spraken zij zich uit over zwarte gaten, aanlokkelijke perspectieven en vruchtbare terreinen van studie. Deze lezingen zijn gebundeld in dit themanummer van Queeste.
Inhoud: JOOST VAN DRIEL, Stijl en schoonheid van de Middelnederlandse epische poëzie GEERT WARNAR, “Studeren in duytschen boeken van geestelicheden”. Het Middelnederlandsch als literatuurtaal in de veertiende eeuw BART RAMAKERS, Lezen als een toeschouwer. Over de performatieve receptie van Middelnederlandse teksten DIEUWKE VAN DER POEL, Glad ijs, afgewezen minnaars en een dronken student. Over de interpretatie van Middelnederlandse teksten JOHAN OOSTERMAN, Oogkleppen en grote lijnen. Een pleidooi voor onderzoek naar de dynamiek van literaire veranderingen WIM VAN ANROOIJ, Ridderromans uit de late Middeleeuwen en Vroegmoderne Tijd. Een internationaal onderzoeksthema in opkomst HERMAN BRINKMAN, De hardnekkige Middeleeuwen. Persistentie van literaire productie- en transmissievormen REMCO SLEIDERINK, Is Beatrijs een loser? Middeleeuwse literatuur in het middelbaar onderwijs