€ 36,-
Wie het kluchtenrepertoire van de zestiende-eeuwse rederijkers leest, wordt uitgenodigd om zich schilderachtige figuren in actierijke situaties voor te stellen. De kluchtenlezer is getuige van duiveluitdrijvingen, schrans- en vechtpartijen, mishandelingen, vermommingen, gegooi met etenswaren en huisraad, of taferelen waarin mensen in dierenvellen worden genaaid. Als hij zich bij deze visuele voorstellingen ook een klankbeeld voorstelt, dan hoort hij beeldrijke formuleringen, taalverhaspelingen, hyperbolische vergelijkingen, macaronische bezweringen, gewelddadige dreigementen en scheldduels vol bizar woordgebruik. Mooi vies, knap lelijk legt het artistieke principe bloot dat zich manifesteert in de buitensporige lichaamsrepresentaties en het woekerende en gespierde taalgebruik in dit theatergenre. Femke Kramer laat zien hoe deze geësthetiseerde 'lelijkheid' getuigt van een cultuur die zich in grote hevigheid aan het vernieuwen was. Het boek bevat tevens een catalogus met samenvattingen van de 77 kluchten die erin worden besproken.
'Zelden vinden we wat mensen vroeger aan het lachen maakte, ook nu nog grappig. Het maakt de geschiedenis van de humor een moeilijke, maar daarom juist ook een interessante onderneming. In Mooi vies, knap lelijk presenteert Femke Kramer de resultaten van een grondige analyse van rederijkerskluchten uit de 16de eeuw.' Tom Verschaffel in: Geschiedenis Magazine 44 (2009) 5. Zie verder ook het uitgebreide artikel van Femke Kramer in: TM Tijdschrift over theater, muziek en dans 13 (2008) 8.